Huwelijksadvies uit Zwitserland

Ushi heet ons hartelijk welkom in haar vakantieboerderij. Het is een warme zomeravond. Onze eerste indruk: ze praat graag. En luid. Over het dorp en over haar leven. Over het weer, over van alles eigenlijk. “Het gebouw dateert van 1864”, vertelt ze. “Mijn schoonvader had al twee gastenverblijven ingericht. Nu zijn het er drie.” Haar man Melchior en zij zijn eigenaar, maar dit is al jaren geen werkende boerderij meer. Er zijn nog wat kippen en grote konijnen, en een kleine weide. “Melchior heeft parkinson, dus zwaar werk lukt hem niet meer. Ik doe de moestuin. Mijn schoondochter runt nog wel een boerderij, buiten het dorp.”

Ushi heeft worteltaart gebakken en vraagt of we een stuk lusten op een toon dat je het beter niet kunt weigeren. We zitten aan een tafel op het terras voor het huis. Elke ochtend zullen we wakker worden met de geur van vers gebak. Haar specialiteit is notentaart. “Die verkopen ze zelfs in de Spar in het centrum. Ik moet wat, want het toeristenbureau en de gemeente nemen steeds meer inkomsten van ons af”, klaagt ze. “De belastingen zijn torenhoog. Met de notentaarten heb ik tenminste nog het gevoel dat ik erkenning krijg voor wat ik doe.”

Ushi heeft veel te vertellen. Al die tijd zit Melchior stil glimlachend aan een biertje. Pas als Ushi in de keuken verdwijnt, knoopt hij met zachte stem een gesprek met me aan. “Ik ben 35 jaar lang skileraar geweest. Skiën kan ik nog, wandelen niet meer. En ik vind het altijd erg leuk om met buitenlandse gasten te babbelen.” Ik vraag hem over het leven in een kleine gemeenschap. “Dat heeft voor ons één voordeel. Wij hebben geen telefoon nodig. Ushi’s stem kun je namelijk horen tot aan de overkant van het dal”, lacht hij.

Komende zaterdag moeten hij en zijn vrouw naar een trouwfeest in de dorpskerk. “En de hele parochie helpt mee”, roept Ushi vanuit de keuken. “Wij maken vrijdag een krans, voor aan de poort.” Ze komt naar buiten met voor iedereen een dikke plak worteltaart. “Het is de meid van dat huis daar die trouwt. Ach, die jongelui moeten toch ook de kans krijgen om te ‘probieren’? Zo is het leven”, filosofeert ze, glunderend om de moderniteit van haar opvattingen. Dan komt een grijns: “Het huwelijk is als een aardappel, wist je dat?” Nee, hoegenaamd niet. Maar ik ben wel benieuwd geworden. “Je ogen gaan pas open als je lang genoeg in de drek gezeten hebt!”

Ushi’s lach buldert door het dal. Zo is het leven inderdaad.

 

Verschenen in Bergen Magazine, april 2014

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s